Afrikaanse varkenspest

Afrikaanse varkenspest
Het eerste geval van Afrikaanse varkenspest in Wallonië zorgt ook voor extra waakzaamheid in Vlaanderen. Zo zijn er een aantal gedragsregels voor wie in de natuur komt, die de verdere verspreiding van de ziekte kan helpen tegengaan. Een gevaar voor de volksgezondheid is er in geen geval. Mensen worden niet ziek, maar kunnen varkens wel besmetten.

 

 

Wat is Afrikaanse varkenspest?


Afrikaanse varkenspest is een zeer besmettelijke virusziekte die voorkomt bij varkens. Het virus is erg besmettelijk en vaak dodelijk voor die dieren. Afrikaanse Varkenspest werd in België tot voor kort nog niet aangetroffen bij in het wild levende everzwijnen. Maar doordat de ziekte aanwezig is in sommige everzwijnpopulaties in het oosten van Europa, werd de verspreiding ervan zeer nauwlettend in de gaten gehouden. Het virus is niet pathogeen voor de mens, het maakt de mens dus niet ziek.

Wat is het gevaar van Afrikaanse varkenspest?


Het grootste gevaar is economisch. De ziekte verspreidt zich zeer snel en kan ook binnen professionele varkenshouderijen toeslaan. Varkens kunnen sterven en handelsrestricties voor de varkenssector. Dit was voor de laatste keer in ons land het geval in 1985 bij gedomesticeerde varkens in West-Vlaanderen. Toen moesten 30.000 dieren vernietigd worden. Voor de gezondheid van de mens is er geen enkel gevaar.

Hoe verspreidt de ziekte zich?


Het virus is aanwezig in het bloed, de weefsels, de urine, de uitwerpselen, de uitscheidingen en afscheidingen van zieke dieren. Het is zeer besmettelijk en resistent in de weefsels van de dieren. Het kan daarom op de volgende manieren worden overgedragen:
  •          Via de baarmoeder (transplacentair): biggen die zo worden besmet, blijven drager van het virus en blijven het uitscheiden gedurende meerdere maanden na de geboorte
  •          door rechtstreeks contact met een ziek dier
  •          door onrechtstreeks contact: via mensen die het virus mechanisch verspreiden of via besmette uitrusting of voertuigen
  •          door inname bij het voederen van onvoldoende verhit afval aan varkens.

Kan de ziekte op andere dieren overslaan?


Varkenspest is enkel gevaarlijk voor varkens. Huisdieren lopen geen gevaar, net zoals de mens.

Hoe zeker zijn we dat er in Vlaanderen op dit moment geen probleem is?


Vrij zeker. Voor Afrikaanse Varkenspest coördineert het Agentschap voor Natuur en Bos een passieve en een actieve monitoring. Dat betekent dat elk dood aangetroffen everzwijn wordt onderzocht (nl. autopsie en weefselanalyse) en dat er eveneens een screening gebeurt van geschoten everzwijnen (ter info ongeveer 40% van afschot wordt bemonsterd) (nl: serologische analyse en weefselanalyse). De actieve en passieve bewaking loopt permanent in Vlaanderen en wordt gefinancierd door de Vlaamse overheid.
Voorlopig zijn alle resultaten negatief.

Wat kunnen we doen om de verspreiding verder tegen te gaan?


Afrikaanse Varkenspest kan worden overgedragen door :
  •          contact met besmette varkens of everzwijnen
  •          vlees/vleeswaren van besmette dieren
  •          besmette voorwerpen zoals schoenen, kledij, voertuigen, materiaal
  •          personen die in contact gekomen zijn met besmette dieren of die in getroffen gebieden geweest zijn

Het virus blijft lang besmettelijk in karkassen van dieren, in het milieu en in vlees/vleeswaren van besmette dieren.
Varkensbedrijven moeten de juiste bioveiligheidsmaatregelen nemen om besmetting naar hun bedrijven te voorkomen (zie website FAVV).
Daarnaast kunnen  jagers een belangrijke rol spelen in het tegengaan van de verdere verspreiding in de wilde everzwijnpopulatie. Wie in aanraking kwam met wilde varkens kan de volgende voorzorgsmaatregelen nemen:
Te nemen maatregelen bij elke jachtpartij
  •          draag vloeistofdichte (wegwerp)handschoenen met lange mouwen
  •          respecteer een eet- en drinkverbod tijdens het ontweiden en manipuleren van kadavers
  •          bij ontweiden van geschoten everzwijnen in het veld de ingewanden NIET achterlaten in de natuur, de ingewanden dienen meegenomen te worden naar een wildverwerkingsinrichting of opgehaald te worden door een bevoegd destructiebedrijf.
  •          was handen met zeep, water en eventueel extra ontsmettingsmiddel na de werkzaamheden
  •          Al het materiaal dat gebruikt werd bij de jacht reinigen en ontsmetten, met inbegrip van de voertuigen.
  •          De kledij die tijdens de jacht werd gedragen wassen aan een hoge temperatuur (minstens 60°C).
  •          Gedurende minstens 48u na contact met een everzwijn niet in contact komen met gedomesticeerde varkens.

Aanbevelingen bij jacht in het buitenland en Wallonië:
  •          Niet jagen in de besmette gebieden die werden afgebakend in de verschillende getroffen landen.
  •          Geen karkassen, delen van karkassen of jachttrofeeën van everzwijnen meenemen.
  •          Geen honden gebruiken bij de jacht.

Het is voor de vroegtijdige detectie van de ziekte heel belangrijk om everzwijnen, die dood of zwaar ziek werden aangetroffen, te melden aan de bevoegde regionale autoriteit voor ophaling en onderzoek